Aanwervingsintenties in België veren op tot +16% in Q4 2026, Wallonië neemt de leiding

Belgische werkgevers worden selectiever nu de aanwervingsintenties vertragen in Q3 2026
8 juni 2026

De nettotewerkstellingsprognose stijgt met 8 punten ten opzichte van het vorige kwartaal. Wallonië is nu de meest optimistische regio en de industrie laat de sterkste vooruitzichten optekenen, terwijl Brussel fors terugvalt en België onder het Europese en het wereldwijde gemiddelde blijft.

Volgens de ManpowerGroup Employment Outlook Survey kijken de Belgische werkgevers met hernieuwd vertrouwen naar het einde van het jaar, na een voorzichtig derde kwartaal. Van de meer dan 500 werkgevers die ManpowerGroup in juli bevroeg, verwacht 35% zijn personeelsbestand tegen eind december 2026 uit te breiden, terwijl 19% een inkrimping voorziet. 44% van de respondenten verwacht geen verandering en 2% weet het nog niet.

Na seizoenscorrectie komt de nettotewerkstellingsprognose (Net Employment Outlook, NEO), het verschil tussen het percentage werkgevers dat wil aanwerven en het percentage dat een inkrimping verwacht, uit op +16%. Dat is een stijging van 8 punten tegenover het vorige kwartaal, maar nog altijd 3 punten lager dan in het vierde kwartaal van 2025. Deze opleving volgt op meerdere kwartalen van vertraging en wijst erop dat bedrijven het laatste kwartaal van het jaar met meer vertrouwen ingaan. De verwachte aanwervingen worden vooral gedreven door bedrijven die willen groeien, terwijl werkgevers die hun personeelsbestand willen afbouwen in de eerste plaats economische moeilijkheden aanhalen.

“De opleving van de aanwervingsintenties is een bemoedigend signaal, maar het zou verkeerd zijn om dit te zien als een terugkeer naar de dynamiek van de voorbije jaren”, zegt Ronny Lommelen, Managing Director van ManpowerGroup BeLux. “Bedrijven blijven hun economische omgeving nauwlettend in het oog houden en wegen hun aanwervingen voorzichtig af. Wat we vandaag zien, is eerder een selectief herstel, geconcentreerd in de sectoren en profielen die beantwoorden aan duidelijk geïdentificeerde behoeften.”

Wallonië neemt de leiding, Brussel valt terug

De meest opvallende verschuiving tegenover het vorige kwartaal situeert zich op regionaal niveau. Wallonië laat nu de hoogste aanwervingsintenties van het land optekenen, met een NEO van +22%, 10 punten boven het Belgische gemiddelde en 10 punten hoger dan een jaar geleden. De regio gaat daarmee nipt Vlaanderen vooraf, dat een NEO van +20% noteert.

Deze omslag is des te opmerkelijker in het licht van de resultaten van het vorige kwartaal. In Q3 voerde Vlaanderen de regionale ranglijst aan met +16%, terwijl Wallonië de rij sloot met amper +3%. Wallonië wint dus 19 punten in één kwartaal, terwijl Vlaanderen eveneens vooruitgaat, zij het in mindere mate.

In Brussel ziet de situatie er helemaal anders uit. Met een NEO van +1% bevindt het Hoofdstedelijk Gewest zich nu duidelijk onder de twee andere regio’s en tekent het een daling van 16 punten op jaarbasis op. Nadat het vorig kwartaal al de sterkste jaarlijkse terugval kende, bevestigt Brussel daarmee een bijzonder fragiele dynamiek.

Deze evolutie tekent een steeds meer gecontrasteerde Belgische arbeidsmarkt: Wallonië versnelt, Vlaanderen blijft veerkrachtig en Brussel stagneert.

De industrie trekt de vooruitzichten, de dienstensectoren blijven kwetsbaarder

De sectorale evoluties bevestigen dit selectieve herstel. De industrie laat met +32% de hoogste NEO van alle onderzochte sectoren optekenen en is bovendien de enige representatieve sector die zijn vooruitzichten op jaarbasis heeft verbeterd.

Bouw & Vastgoed volgt met +27%, terwijl Financiën & Verzekeringen een NEO van +19% noteert. Handel & Logistiek en Professionele, wetenschappelijke & technische diensten staan beide op +14%, vóór Overheid, Gezondheidszorg & Sociale diensten (+5%).

Aan de andere kant van het klassement blijven de vooruitzichten bijzonder zwak in de Informatiesector (-9%) en de Horeca (-59%). Deze resultaten moeten wel geïnterpreteerd worden met de steekproefgrootte van bepaalde sectoren in het achterhoofd.

Het contrast met het vorige kwartaal is bijzonder interessant. In Q3 zorgde Financiën & Verzekeringen voor de verrassing met een NEO van +38%, terwijl de industrie +11% liet optekenen. In Q4 neemt de industrie dus duidelijk het roer over, met een bijzonder uitgesproken vooruitgang en een vertrouwensniveau dat hoger ligt dan in de dienstensectoren.

“De terugkeer van de industrie aan de top van de aanwervingsvooruitzichten is bijzonder betekenisvol”, benadrukt Ronny Lommelen. “Dit weerspiegelt wellicht behoeften die verband houden met productie, investeringen en de transformatie van waardeketens. Maar dit herstel blijft erg gericht: in verschillende dienstenactiviteiten blijven bedrijven hun kosten en organisatie bijsturen.”

Een gematigd Belgisch herstel in een gunstigere internationale context

De enquête van ManpowerGroup bij 39.878 werkgevers in 42 landen en gebieden toont dat de aanwervingsintenties internationaal over het algemeen gunstiger zijn dan in België. De wereldwijde NEO bedraagt +29%, terwijl het gemiddelde voor Europa en het Midden-Oosten uitkomt op +22%, een stijging van 5 punten zowel tegenover het vorige kwartaal als op jaarbasis.

Met een NEO van +16% bevindt België zich dus onder het wereldwijde en het regionale gemiddelde. Het land blijft niettemin verschillende grote Europese economieën voor, waaronder Duitsland (+15%) en Frankrijk (+13%), terwijl Nederland (+33%), Zweden (+39%) en het Verenigd Koninkrijk (+23%) sterkere vooruitzichten laten optekenen.

De Belgische opleving moet dan ook genuanceerd gelezen worden: ze betekent een verbetering tegenover het derde kwartaal, maar wijst nog niet op een terugkeer naar een bijzonder krachtige aanwervingsdynamiek.

Bedrijven blijven kampen met een schaarste aan competenties

Achter deze aanwervingsvooruitzichten speelt nog een andere structurele uitdaging: de toegang tot competenties. De arbeidsmarkt blijft geconfronteerd met een talentschaarste, terwijl de behoeften van bedrijven snel evolueren onder invloed van de technologische transformatie, en van artificiële intelligentie in het bijzonder.

Deze situatie versterkt het belang van gerichte aanwervingsstrategieën, maar ook van de ontwikkeling van competenties binnen de organisatie. In een markt waar de aanwervingsintenties snel kunnen verschuiven van de ene sector of regio naar de andere, wordt het vermogen van bedrijven om de competenties die ze nodig hebben te identificeren, aan te trekken en te ontwikkelen een steeds belangrijkere concurrentiefactor.

“De uitdaging voor bedrijven is niet langer alleen hoeveel mensen ze moeten aanwerven, maar vooral welke competenties ze moeten veiligstellen om hun transformatie te ondersteunen”, besluit Ronny Lommelen. “De ontwikkeling van bestaand talent, interne mobiliteit en de aanwerving van gespecialiseerde profielen zullen een centrale rol blijven spelen, in het bijzonder in de sectoren die vandaag de grootste transformaties doormaken.”

De resultaten van de volgende ManpowerGroup Employment Outlook Survey worden gepubliceerd in december 2026 (eerste kwartaal 2027).

Rapport Q4 2026: ManpowerGroup Employment Outlook Survey

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Nederlands